De verloren oom
Dinsdag moesten mijn zoontjes in de kerk zijn om te oefenen voor het kerstspel. Zelf zat ik al aan de koffie in de pastorie, toen Anna, de domineesvrouw, enigszins verlaat binnenkwam. Samen met haar liep er iemand met een bekend gezicht op me af: Ladislav M., ongetwijfeld de meest bevlogen en getalenteerde musicus die er in de Evangelische Kerk der Boheemse Broeders rondloopt. Terwijl we aan de praat raakten over zijn leertijd bij bekende Nederlandse organisten, verwonderde ik me over zijn aparte accent. Omdat hij in Moravië woont waarschijnlijk, dacht ik nog, maar kon het desondanks niet helemaal thuis brengen.
Toen Ladislav plaats had genomen achter het kerkorgel, begon hij op een jazz-achtige manier mijn favoriete liedje van Miloš Rejchrt te spelen. Zomaar een vrolijk concert op deze druilerige dag, dat was een onverwachte meevaller. Na een poosje werd het tijd om te gaan en liep ik met Anna richting uitgang. Tussen neus en lippen door vertelde ze me waar Ladislav is opgegroeid en tot zijn twintigste heeft gewoond – in Velký Pereg, een dorp in Roemenië dat al sinds de 19e eeuw overwegend door Tsjechen wordt bewoond. Mijn hart begon sneller kloppen: ons bezoek aan de Tsjechische dorpen in Roemenië in 2001 was één van de mooiste ervaringen van mijn leven geweest en nu zat er hier zomaar een Roemeense Tsjech in onze kerk. En vandaar dus ook dat accent!
Ik rende bijna terug naar het orgel en vertelde de organist enthousiast wat Anna me zojuist had onthuld. “Wist je dat dan niet? Dat ik uit Roemenië kom is nou juist het meest interessant aan mij,” lachte Ladislav. Ik vertelde dat wij destijds 10 dagen doorbrachten in het dorp Svatá Helena, in een baptistengezin, en dat we hen na hun verhuizing naar het Tsjechische Cheb nog een keer hebben opgezocht. “Svatá Helena, daar komt mijn moeder ook vandaan. En bij wie logeerden jullie?” “Bij Alois en Elisabeta Urbánek en hun gehandicapte oudste zoon.” Waarop Ladislav me verheugd vertelde: “En weet je wie die meneer Urbánek is? Mijn oom!” Ik vroeg of ze nog contact met elkaar hebben. “Nee, ik heb hem al meer dan twintig jaar niet meer gezien en heb hun adres in Cheb ook niet.” “Dat heb ik wel voor je,” zei ik, “ik mail het je thuis even door.”
Door de regen liep ik met mijn zoontjes weer naar huis. Eigenlijk zou er in de adventstijd sneeuw moeten liggen, maar daar kon ik me even niet druk over maken. Het verhaal van De Verloren Oom lichtte mijn dag helemaal op. Hopelijk ziet Ladislav zijn oom en tante en zijn sympathieke nicht Etelka, die met haar gezin ook in Cheb woont, na al die jaren binnenkort eindelijk weer terug!
